Welkom bij Cromstrijen'98

Cromstrijen'98 is een locale belangenpartij die opkomt voor de inwoners van onze gemeente. Onafhankelijk en ongebonden legt Cromstrijen'98 uitsluitend verantwoording af aan de inwoners. Cromstrijen'98 streeft naar een gemeenteraad met een eerlijk, open en menselijk gezicht.

Actueel

Samenwerken met doorzettingsmacht maakt de HW sterker en slagvaardiger

21-5-2016 Bron: Model samenwerking

Wat maakt de situatie in de Hoeksche Waard uniek?
Wat de situatie in de Hoeksche Waard bijzonder maakt ten opzichte van andere regio’s is dat er al een prima samenwerking is binnen het SOHW (Samenwerkings Orgaan Hoeksche Waard). Deze regionale samenwerking vindt al meer dan 10 jaar plaats, nu op minstens 16 dossiers. Op grond van de aanbevelingen in het ERS-rapport is er progressie geboekt in het proactief samenwerken. Dit geeft een stevige basis en een logisch uitgangspunt voor verdere versterking van de samenwerking.

Voor de visualisatie van het model klik hierboven op “Model samenwerking”

Wat gaat er goed?
Regionaal wordt er op veel dossiers al uitstekend samengewerkt. Dit levert effectiviteits- en efficiencywinst op. De decentralisaties op het sociale domein zijn overal met prima resultaten doorgevoerd. Maatschappelijke organisaties, onderwijsinstellingen, ondernemers en SOHW werken in het Pact van de Waard al enkele jaren nauw samen bij de aanpak van vergrijzing, ontgroening en bevolkingsdaling (de Provincie heeft hiervoor recent grote waardering uitgesproken). Op verschillende terreinen is er een stevige profilering van de regio naar buiten toe. Zo is de Hoeksche Waard pioniersregio voor Biobased economy en innovatieve landbouw. Op het gebied van recreatie en toerisme heeft de Hoeksche Waard bovenregionaal een duidelijke positie. De 5 afzonderlijke gemeenten functioneren in het algemeen ook goed.

Wat kan er nog beter?
Zoals de situatie nu is, moet elk regionaal voorstel door 5 gemeenteraden worden goedgekeurd. Dit levert vertraging op in de besluitvorming, ook naar de Provincie Zuid-Holland toe. Daar moet een efficiencyslag worden gemaakt. Ook regionaal werkende ondernemers vragen om doorzettingsmacht op regionaal niveau om sneller te kunnen schakelen.

Op welke manier kunnen we dit het beste aanpakken?
De logische volgende stap in de bestaande samenwerking is het toevoegen van doorzettingsmacht op regionaal niveau. Er is een voorstel voor een verstevigd samenwerkingsmodel (de ‘wat’ vraag) vormgegeven door een werkgroep van gemeenteraadsleden. De ‘hoe’ vraag, die de concrete uitwerking betreft (inzet ambtenaren, reglement) zal daar op volgend moeten worden ingevuld met behulp van experts (financieel, juridisch) en gemeentesecretarissen (ambtelijk apparaat). In die uitwerking zal nadrukkelijk de inbreng worden gevraagd van alle gemeenteraadsleden, dus ook die voor herindeling hebben gestemd.

Invulling van de ‘wat’ vraag
In grote lijnen ziet het voorgestelde model er als volgt uit, zie bijgevoegd schematische weergave ten opzichte van huidige situatie.
De huidige GR SOHW wordt verstevigd door het AB te bezetten met stemhebbende raadsleden (Hoeksche Raad). Van elke fractie in de Hoeksche Waard wordt één persoon afgevaardigd, zodat elke politieke partij, als vertegenwoordiging van kiezers in de Hoeksche Waard, regionaal inbreng heeft. Het stemgewicht van de raadsleden van de Hoeksche Raad zal gebaseerd zijn op het kiezersaantal per lokale fractie (zie BMC rapport pag. 34).
In de Hoeksche Raad worden ook wethouders benoemd. Dat is nodig omdat zij vanuit en door de Hoeksche Raad in het DB worden benoemd. De term voor deze functie in het DB kan dan zijn ‘Regionaal Portefeuillehouder’. De Regionaal Portefeuillehouders zijn de bestuurlijk trekkers van de HW portefeuillehouder overleggen (pfo’s). Dat betekent dat er op elk regionaal dossier een Regionaal Portefeuillehouder is, en dat lokale wethouders als Regionaal Portefeuillehouder kunnen worden benoemd op één of meerdere regionale dossiers. Daarin worden zij in de pfo’s ondersteund en geadviseerd door de lokaal politiek verantwoordelijke wethouders, zodat ook zij hun lokale belangen kunnen inbrengen en hun politieke verantwoordelijkheid kunnen dragen naar hun eigen gemeenteraad. Zoals de pfo’s op dit moment zijn ingericht, betekent dat dat ook een burgemeester deze functie kan invullen, aangezien op dit moment verschillende dossiers bestuurlijk worden getrokken door een HW burgemeester.
De Regionaal Portefeuillehouders nemen geen deel aan het beraad in de Hoeksche Raad en maken daarin geen gebruik van stemrecht. In vergaderingen van de Hoeksche Raad vervullen zij dezelfde rol als in het college ten opzichte van hun lokale raad (dualisme).
De Regionaal Portefeuillehouders vormen de verbinding tussen beleid en uitvoering van regionale dossiers. De uitvoerende taken (collegetaken) die volgen op het beleid dat is vastgesteld door de Hoeksche Raad worden aan de Regionaal Portefeuillehouders gedelegeerd. Zij vormen zo het DB van het versterkte SOHW, en zij zijn ook het gezicht voor de Hoeksche Waard naar buiten toe. Zij zijn tevens het regionale aanspreekpunt voor inwoners, verenigingen, ondernemers en maatschappelijk middenveld.
De Hoeksche Raad stelt de kaders voor regionale dossiers en neemt besluiten over deze dossiers (doorzettingsmacht, in beginsel alle dossiers die nu bij SOHW liggen en evt. een aantal GR’en).

NB: lokale raden kunnen bij aanvang van de verstevigde samenwerkingsvorm dus de huidige dossiers delegeren naar de Hoeksche Raad. Dat betekent dat taken en bevoegdheden voor deze dossiers worden overgedragen naar de Hoeksche Raad, waar de besluitvorming plaatsvindt en dat regionale dossiers niet meer door 5 gemeenteraden moeten worden goedgekeurd. Dit levert direct efficiencywinst op in de besluitvorming. Bovendien zal er sprake zijn van een effectiviteitswinst doordat er door de Hoeksche Raad meer met een regionale bril zal worden gekeken naar de voorstellen (regio is meer dan de som van 5 gemeentes).

Wat zijn de criteria om een dossier regionaal op te pakken?
De lokale gemeenteraden bepalen welk dossier regionaal wordt gedelegeerd. Bij aanvang van de versterkte samenwerking is het de bedoeling dat de huidige SOHW dossiers kunnen worden gedelegeerd naar de samenwerking.
Dat zijn in principe 16 dossiers, zie bijlage. In bredere groep raadsleden zal een nadere afweging worden gemaakt. Wij stellen voor om ook nieuwe dossiers, zoals bijvoorbeeld Vluchtelingenopvang te delegeren aan de Hoeksche Raad. Na installatie kan de Hoeksche Raad, op eigen gelegenheid of op aangeven van het HW bestuur, voorstellen om nieuwe dossiers op te nemen op regionaal niveau. Elk nieuw dossier wordt daarbij door de lokale gemeenteraden aan drie criteria getoetst:
-Kan het dossier regionaal efficiënter en effectiever worden opgepakt?
-Is het een dossier boven dorpsniveau?
-Zien de lokale raden een gezamenlijke meerwaarde van een regionale aanpak?

De Hoeksche Waard kent momenteel een aantal GR’en. In de uitwerking van dit model voor versterkte samenwerking met doorzettingsmacht zal worden bekeken of een aantal van deze GR’en ook in de GR SOHW kunnen worden opgenomen. Voor de GR WIHW zal dit wellicht een optie zijn, maar voor de GR DG&J, die bovenregionaal is vormgegeven, is deze optie er niet.

Rol lokale raden
Elke lokale fractie kan rechtstreeks via hun vertegenwoordiger in de Hoeksche Raad invloed uitoefenen op regionaal beleid en uitvoering. De regionale dossiers worden gedelegeerd aan de Hoeksche Raad en komen niet meer ter besluitvorming terug op de lokale agenda’s. De lokale agenda gaat over zaken op dorpsniveau. Dit zijn zaken die per dorp of gemeente kunnen verschillen.
Voorbeeld leefomgeving: voorzieningen zoals verenigingen en vrijwilligers blijven op de lokale agenda. Zij blijven bepalen wat het lokale subsidiebeleid is en waar de dorpskern behoefte aan heeft. Voorbeeld burgerparticipatie: lokale raden bepalen hoe ze omgaan met initiatieven vanuit inwoners. Of ze dorpsraden faciliteren of een andere overlegvorm met inwoners, en hoe ze hen betrekken bij zaken die hun directe leefomgeving aangaan.

Rol inwoners, verenigingen, ondernemers en maatschappelijk middenveld
Inwoners, verenigingen, ondernemers en maatschappelijk middenveld kunnen voortaan direct invloed uitoefenen op regionaal niveau. In navolging van de recent ingevoerde Hoeksche Donderdag voor bestuurlijk overleg (portefeuillehouder overleggen) zal op regelmatige basis een Hoeksche Dinsdag worden georganiseerd. Op deze dag kunnen inwoners, verenigingen, ondernemers en het maatschappelijk middenveld spreken met raadsleden en regiowethouders over regionale aangelegenheden. De input van deze partijen wordt uitdrukkelijk meegenomen in de Hoeksche Raad en het HW Bestuur. Participatie van inwoners, verenigingen, ondernemers en maatschappelijk middenveld is op deze manier gewaarborgd op regionaal niveau.

Samenwerking met andere Overheden, Rijk/Provincie
De samenwerking met andere overheden zal in het model van versterkte samenwerking met doorzettingsmacht efficiënter en op sommige vlakken ook effectiever verlopen dan thans het geval is. Op veel taakvelden die van belang zijn m.b.t. decentralisatie van bevoegdheden (Rijk naar Gemeenten) en op het gebied van regionaal/provinciaal beleid (Energie, Woonvisie) zal straks door Rijk en Provincie rechtstreeks gecommuniceerd kunnen worden met de Hoeksche Raad.

Wat is het grote voordeel van versterkte samenwerking met doorzettingsmacht?
In beginsel zijn alle bouwstenen voor dit model al aanwezig. De basis van het SOHW is stevig. De samenwerking die meer dan 10 jaar geleden is ingezet verloopt prima en het is tijd voor een volgende logische stap, de stap naar regionale doorzettingsmacht.

Financiële gevolgen van versterking van de samenwerking
Op dit moment werken de HW gemeenten al samen in de GR SOHW. Dit model betreft een versterking van die samenwerking. Deze versterking zal naar verwachting kostenvoordelen gaan opleveren o.b.v. synergie effecten (toename efficiency in besluitvorming). Daarom kunnen we er van uitgaan dat de versterking van de samenwerking bij gelijkblijvend ambitieniveau tenminste kostenneutraal kan worden geïmplementeerd en uitgevoerd. Dat betekent dat een versterking van de samenwerking volgens dit model voor de inwoners van de Hoeksche Waard niet duurder wordt.
Een meer gedetailleerde uitwerking van de financiële gevolgen van dit model is volgens VNG experts op dit moment nog niet mogelijk, omdat er in den lande geen ervaring is met deze variant (nl. vérgaande doorzettingsmacht) van het samenwerkingsmodel.
De principiële beslissing herindelen/versterkt samenwerken kan niet gemaakt worden op basis van een ‘best guess’ van de financiële uitwerking. Ook volgens de experts van VNG zou dit het hele proces van bestuurlijke toekomst van de HW enorm tekort doen.
Deze notitie gaat over de bestuurlijke inrichting van de samenwerking. Of en in hoeverre er ook ambtelijk zal worden samengewerkt is een andere discussie. De wijze waarop de verdergaande samenwerking ‘aan de achterkant’ wordt ingevuld, zal voor een belangrijk deel bepalend zijn voor de kosten van het model. Invulling van de financiële grondslag zal na de principiële keuze voor versterkte samenwerking met doorzettingsmacht moeten worden vormgegeven op basis van de nadere uitwerking van het model, in overleg met een bredere groep raadsleden en met de Provincie Zuid-Holland.

Mening Cromstrijen'98:
Het model Versterkte Samenwerking met Doorzettingsmacht in de Hoeksche Waard Voorstel versie 5 is tot stand gekomen na praktijkonderzoek (interviews met bestuurders en raadsleden) bij diverse herindelingsgemeenten en gemeenten die een vorm van versterkte samenwerking hebben. Daarnaast is literatuuronderzoek gedaan.
Wij danken Dhr. Mr. A.P.E. Jaquet, juridisch controller van Drechtsteden voor zijn ervaringen uit de praktijk van Drechtsteden. Tevens onze dank aan Mevr. Mr. J. Heijmans, griffier van Drechtsteden, voor haar toelichting op de dagelijkse praktijk van de Drechtraad.
Mevr. Drs. H. Tjalma-den Oudsten MSc en Mevr. P. Vonk van VNG danken wij voor hun praktijkgerichte adviezen m.b.t. de bestuurlijke/ambtelijke en financiële uitwerking van het model.
De presentatie in de Hoeksche Waard op 16 maart 2016 van Prof. Drs. J. Wallage over het rapport ‘ Wisselwerking’ van de Raad voor het Openbaar Bestuur heeft bijgedragen tot de uitwerking van het model.

Een meerderheid van de fractie staat achter dit model van Versterkte Samenwerking.

Terug naar actueel